Het ABC van Toegankelijkheid: 'Moet dat nou?' (deel 1)

Dit artikel is bedoeld voor iedereen die ervoor wil zorgen dat iedereen gebruik kan maken van digitale producten en diensten. Om het gesprek aan te gaan met mensen die sceptisch zijn ten aanzien van dit onderwerp. In het ABC van Toegankelijkheid heb ik uitspraken in de sfeer van 'Moet dat nou?' aangevuld met stellingen, in de sfeer van: 'Hé, dat klinkt goed, zo had ik het nog niet bekeken!'

A - "ALS ik mijn website niet toegankelijk maak volgens de WCAG2.1 wat sinds september 2019 verplicht is, word ik daar toch niet op afgerekend."
Bij een toegankelijke website weet je zeker dat iedereen er gebruik van kan maken; ongeacht de gebruikte browser, type computer, hulpmiddelen of handicap.

B - "BLOGS en artikelen over toegankelijkheid (ook dit artikel) zijn in de loop der jaren niet echt veranderd."
Steeds meer functionarissen bij overheden en makers van websites zien het belang in van een toegankelijke website: vanuit verschillende disciplines is er steeds meer samenwerking om de digitale producten en diensten zo goed mogelijk te laten werken.

C - "We hebben geen CAPACITEIT om de websites en apps toegankelijk te maken: we moeten al zoveel en hebben geen tijd om ook nog eens te zorgen dat onze website honderd procent toegankelijk is."
Zorg voor een gezamenlijk beeld van de digitale situatie, van je websites, intranet en applicaties. Stel vast wat hierbij de prioriteiten zijn. En ga hiermee aan de slag vanuit jouw taken en rol. Die aanpak zorgt ervoor dat je vanuit verschillende disciplines aansluit voor optimale toegankelijkheid van je informatie.

D - "Het gaat om een zo goed mogelijke DIGITALE DIENSTVERLENING. Die toegankelijkheidseisen zijn slechts een technische randvoorwaarde."
De toegankelijkheidseisen kun je zien als een leidraad om de kwaliteit van je dienstverlening te verbeteren.

E - "EERST bouwen we de website, daarna kijken we naar de toegankelijkheid."
Tja, dat is net zoiets als 'eerst het huis opleveren en dan kijken waar de ramen en deuren moeten komen'.

F - "Alleen de FUNCTIONELE toegankelijkheidseisen vinden wij belangrijk; we hoeven niet honderd procent toegankelijk te zijn."
Honderd procent voldoen aan de WCAG2.1 is een waarborg dat je site optimaal functioneert. Dat klinkt wat positiever dan ‘het is gewoon verplicht’. Maar dit laatste is ook waar.

G - "De GEBRUIKERS staan centraal. Toegankelijkheid volgens de WCAG2.1 is geen doel op zich."
De gebruiker en gebruikersvriendelijkheid als uitgangspunt nemen is natuurlijk het beste; misschien vormen de WCAG 2.1-richtlijnen wel de uitkomst van dat proces.

H - "Een HANDLEIDING voor een goede website heb ik nodig. Ik kan niks met die toegankelijkheidseisen."
De toegankelijkheidseisen kun je eigenlijk zien als de totale bundeling van vuistregels voor verschillende disciplines om je website te optimaliseren. Door die toe te passen, maak je in feite gebruik van de beste handleiding voor een goede website.

I – “Ik INSPECTEER de website gewoon met een tool, dan weet ik of die toegankelijk is of niet.”
Je kunt je website laten toetsen via een van de tools die op internet beschikbaar zijn of software als AcrobatReaderPro. Alleen zul je altijd een inhoudelijke en redactionele stap moeten zetten om je app of site honderd procent toegankelijk te krijgen en te houden. Denk aan redactievoering op alt-teksten, of afspraken over de inhoud van tussenkoppen. Eigenlijk kun je stellen dat als je de WCAG2.1-eisen volgt, je direct de kwaliteit van je webredactie omhoog brengt.

J – “Al JARENLANG maak ik websites en apps, dus ik weet hoe dat het beste kan.”
Het gaat niet om goed, slecht of beter. Het gaat om het scheiden van techniek (vorm) en inhoud en te zorgen dat je websites en apps voor de toekomst ook bruikbaar houdt. Dat je de gegevens gemakkelijk kunt hergebruiken. En dat je voor je organisatie kosten bespaart door van te voren rekening te houden met de eisen voor een bepaald ontwerp.